No(w) Saxophone

sax1-1

Saxophonist Peter Verdonck and MATRIX [New Music Centre] have collected 8 pieces for saxophone solo or saxophone and piano for our new publication (N)ow Saxophone. During the search for existing music, the different levels of playing in the Flemish system of part- time, after-school art education (DKO levels) were always kept in mind, in order to introduce students of all levels and ages to some of the more accesible extended techniques on saxophone. We tried to combine the joy of playing, creativity and personal interpretation in all of the pieces so that the extended playing techniques are not an abstract exercise but a part of the bigger story.

Peter Verdonck’s Hot Coco Solo (or Hot Contemporary Concert Solo Piece) was composed especially for this publication. In the faster con moto movement, rhythms in 7/8 are altered with quarter tones and timbre thrills. This requires a technical analysis by both student and teacher. Once the student masters these peculiar key combinations, the piece’s (temporal) structure and its musical development should no longer be an issue. In the slower lento movements, the tempo is not strictly determined. Here, the student can experiment with timbre thrills.

Juan María Solare’s La beauté du geste is played by sole use of the keys. The player decides the order of the motifs to be played. The pitch of the key clicks is relative to that. Silence also plays an important role here. The player is not only confronted by a new (technical) challenge and a new way of thinking, but also with the idea of the performance as such. Although the composer indicates that the work is written for tenor saxophone (or lower), it can be played on any saxophone. Score

Scriabin App

Muziek horen en tegelijk spontaan kleuren zien … voor sommige mensen is dat heel normaal. Die eigenschap noemt men synesthesie. Ook van beroemde componisten en dirigenten zoals Franz Liszt, Nikolaj Rimski-Korsakov en Alexander Scriabin is bekend dat ze muziek tegelijk als een spel van kleuren hebben ervaren. Scriabin (1872-1915) bedacht kort voor zijn dood zelfs een ‘tastiera per luce’ (in het Nederlands zoiets als: ‘lichtorgel’), waarmee het publiek ook de kleuren kon zien die hij met zijn muziek associeerde.

Scriabin koos de kleuren bij de noten volgens de zogenaamde kwintencirkel waarbij de ‘normale’ volgorde van de noten ‘verspringt’, maar waardoor ook heel interessante harmonieën ontstaan.

Met de Scriabin App kan je de kleuren van muziek ‘live’ zien als je zingt, een instrument bespeelt of een muziekstuk beluistert. Tegelijk ontstaat er een Scriabin-achtige pianobegeleiding. Het is niet alleen een interessante manier om kennis te maken met het werk van een heel bijzondere componist, maar gewoon ook mooi!

 

Hoe werkt het?

Alles wat je nodig hebt, is een computer (pc of Mac, maar geen tablet) liefst met een goede geluidskaart en een ‘fatsoenlijke’ microfoon.

De app kan worden gedownload vanaf http://www.jazzperiments.com/scriabin.zip.
In de zip zit een handleiding met praktische tips.

Ontwikkelaar: Teun de Lange, teun.de.lange@intraquest.nl

Voor meer informatie over synesthesie, zie: http://www.colourmusic.info

Muage app

In 1971 maakte John Cage Mureau en voerde deze compositie zelf uit als lezing. Het werk bestond dan ook volledig uit tekst die op een bijzondere manier werd uitgesproken. De tekst is een reeks citaten van de Amerikaanse denker David Henry Thoreau (1817 – 1862), maar de woorden waren door Cage in een toevallige volgorde geplaatst. Voor hem was dit zeker muziek, vandaar ook de titel die een samenstelling is van het woord MUsic en de naam ThoREAU. In 1982 maakte hij het soortgelijke werk Muoyce met citaten van James Joyce (1882 – 1941) uit het boek Finnegans Wake en hij herwerkte deze compositie nog in 1992, het jaar van zijn dood, met citaten uit Ulysses.

Deze lezingen/teksten/composities beschouwt men als de meest experimentele en de ‘moeilijkste’ van John Cage. En ze worden dan ook zelden uitgevoerd. Toch zijn ze zeer belangrijk om de muziek van Cage volledig te begrijpen. Met zijn composities als 4:33 en Mureau voegde hij stilte en willekeurige geluiden toe aan wat muziek kan zijn. In de laatste 20 jaar van zijn leven waren deze ideeën trouwens bepalend voor de meeste van zijn werken.

Nu zijn composities als Mureau misschien ‘moeilijk’ in te passen in de gangbare opvattingen van muziek, maar ze zijn helemaal niet moeilijk om uit te voeren. Cage en zijn tijdgenoten waren er trouwens heel trots op dat hun muziek door ‘iedereen’ kon worden uitgevoerd. En pas door ze live bij te wonen of – beter nog – ze zelf uit te voeren, is écht te begrijpen hoe dit soort van muziek ‘werkt’.

Het project Muage is voor het eerst uitgevoerd bij de viering van de 100e verjaardag van Cage op 5 september 2012. Het bestaat net als Mureauen Muoyce uit citaten, maar in dit geval citaten van John Cage over stilte en geluid. Daarom is het dus MUsic van en over cAGE.

De Muage App is gemaakt om het werk heel gemakkelijk, alleen of met een groep, in het juiste tempo uit te voeren. Alles wat je nodig hebt om de app te gebruiken, is een computer (pc of Mac of tablet).

 

Hoe werkt het?

Open de app via www.jazzperiments.com/muage_nl, klik op de startknop 4onderaan het scherm en lees wat er verschijnt boven de pijltjes 5bij stem 1 tot en met 5. Minder dan 4:33 minuten later, weet je wat Cage bedoelde, denk je op een nieuwe manier over muziek en ben je een ‘eigentijdse’ muzikant!

Muage in het Nederlands:
www.jazzperiments.com/muage_nl

Muage in het Engels:
www.jazzperiments.com/muage

Meer informatie over Muage om te lezen of af te drukken:
www.jazzperiments.com/cage/pdf/according_to_cage_nl.pdf

Geluidsopname van Muage uitgevoerd door Joseph Resovsky op 5 september 2012:
www.jazzperiments.com/mp3/muage_5-9-2012.mp3

 

Ontwikkelaar: Teun de Lange, teun.de.lange@intraquest.nl

Ontdekkend leren met het doe-orgel

Wat? Een leskist met bouwpakket, te huur bij “Het orgel in Vlaanderen”
Contact: Iris Eysermans
Kijk ook eens op Orgelkids

Het doe-orgel is een bouwpakket in een leskist, ontwikkeld voor kinderen tussen 5 en 12 jaar. De kinderen kunnen zelf (onder begeleiding van een orgelbouwer of een organist) een orgeltje in elkaar zetten aan de hand van instructiekaarten met bijhorende afbeeldingen. Bij het doe-orgel is een lesbrief beschikbaar voor projecten in het basisonderwijs.

Afbeelding4De groep kinderen wordt verdeeld in kleinere groepjes. Elk groepje krijgt een taak toebedeeld: onderdelen uit de kist halen, het raamwerk in elkaar zetten, pijpjes sorteren, toetsen in de juiste volgorde leggen, … Vervolgens wordt alles samengebracht in het raamwerk: de magazijnbalg, de windlade, de toetsen en de pijpen. Als de instructies nauwlettend worden gevolgd, verschijnt er een prachtig orgeltje. En nu kan er… gespeeld worden!

Afbeelding3.pngOrganiste Iris Eysermans (en orgelleerkracht aan De Kunstfabriek) organiseerde samen met Alexandra Franck (leerkracht muziekinitiatie aan De Kunstfabriek) een workshop met het doe-orgel, op 7 februari 2018 in de Sint-Martinuskerk te Duffel. Op deze orgeldag waren heel wat enthousiaste kinderen (of organisten-in-wording?). Een bezoek aan het grote orgel was een ware apotheose: dit gigantische instrument is een orkest! De eerste sessie met het doe-orgel werd gegeven voor kinderen uit de derde kleuterklas, de tweede sessie voor leerlingen uit het eerste leerjaar.

Een leerrijk en boeiend project voor knutselaars, jonge musici en… toekomstige organisten!

Ann Eysermans: 7 little pieces for 2 organ players

7LP-1Grafische partituren … op orgel!
Instrumentatie: 2 organisten
Contact: Iris Eysermans
Partituur

Het orgel is een orkest, dat is duidelijk. De verscheidenheid aan klankkleuren die kan worden voortgebracht is werkelijke enorm. Denken we maar aan hoge ijle fluittonen, een wollige bourdon, of een schelle hobo, … Begrippen als ‘prestant’ en ‘mixtuur’ zijn de organist niet vreemd. Hij/zij tovert Bach, Franck, Widor en vele anderen uit zijn/haar vingers. Die rijkdom aan klankkleuren maakt het orgel ook tot een uiterst geschikt instrument voor improvisatie, nieuwe muziek en … grafische partituren!

 

Afbeelding1In september 2017 ging organiste Iris Eysermans aan de slag met grafische partituren in haar orgelklas van de muziekacademie te Heist-op-den-Berg. Twee enthousiaste (en moedige) leerlingen gingen deze uitdaging aan: Marjan Brabants en Tine Hendrickx.

Iris koos een werk voor twee organisten, 7 little pieces for 2 organ players (van Ann Eysermans), een grafische compositie die zij eerder heeft uitgevoerd met het orgelduo 64-Feet (samen met Marie-Noëlle Bette). Het werk bestaat uit zeven korte grafische partituurtjes, miniaturen als het ware.

Een eerste (spontane én logische) reactie van de leerlingen: “hoe begin je hieraan? We hebben toch meer informatie nodig?”. Iris vond het belangrijk dat zij zelf de eerste aanzetten trachtten naar voren te brengen. Durven dus. En vervolgens, hen mee begeleiden, uiteraard. Hoe kan je een bepaald teken, symbool of tekeningetje, ‘vertalen’ (of omzetten) in een klank? Alles lijkt arbitrair en misschien is het dat ook, zo gaat dat soms met grafische partituren.

Je kan dus eigenlijk op twee verschillende manieren te werk gaan: ofwel maken de twee leerlingen in kwestie een ‘onmiddellijke’ interpretatie van het werk (alle remmen los en spélen!), ofwel benaderen ze de partituur meer analytisch: wat staat hier? Wat zou de componist bedoelen? Komen er bepaalde tekens terug ? Hoe kan een bol klinken? Of een rechte lijn? Lees ik die partituurtjes van links naar rechts, of maakt dat niet zoveel uit?Vervolgens kan er een legende worden opgebouwd en dat is eigenlijk heel eenvoudig: welke klank koppel ik aan een welbepaald teken? En laat die ruimte keuze nu net de troef wezen van dit grootse instrument! De mogelijkheden zijn haast oneindig, want de twee spelers kunnen immers elkaar ook registreren.

En wat speelwijzen betreft: als je een heleboel kleine stipjes ziet gevolgd door een dikke zwarte bol bijvoorbeeld, dan zou je kunnen zeggen: eerst speel ik lichte staccati, gevolgd door een oorverdovende cluster. Soms spreekt de partituur voor zich.

Afbeelding2“Er staat een zwarte wolk in de partituur. Welke klank zullen we hieraan koppelen (want er staat immers geen aanwijzing voor een registratie)? We zoeken een donkere klank, maar ook niet té laag… Het wordt de prestant 8’ of de bourdon 8’.” Op het lesorgel kozen zij de bourdon 8’ omdat deze minder luid is, maar toch donker en wollig genoeg. “Maar welke noten zullen we spelen? Een cluster? Wat is dat, een cluster? Een chromatische? Of een diatonische? En hoe kunnen we die ‘aanzetten’?” Het werd de chromatische cluster! Al snel stelden Tine en Marjan ook vast dat niet alle klanken (registraties) hetzelfde klinken op de verschillende orgels. Dus: op elk orgel moet je rustig de tijd nemen om telkens de juiste klanken te zoeken!

“Wat doen we met deze minuscule geperforeerde bolletjes, volledig ‘onleesbaar’? En met die notenbalken die op hun kop staan?” De perforaties werden opgevat als ‘niet de hele tijd spelen’. “En welke klanken? Hoge tonen! Een fluit 4’ of misschien een van de boventonen van het orgel, maar dan solo gebruikt? Elke speler één klavier?

Tine en Marjan ploeterden verder, het werd een hele opgave. Een bijkomende moeilijkheid: ze zijn niet alleen, maar met z’n tweeën! Dus er diende toch een structuur te worden vastgelegd. En dat deden zij. Het proces nam zo’n vier maanden in beslag. Maar beetje bij beetje kwamen zij tot een coherent geheel, gevolgd door een schitterende uitvoering: het publiek was erg enthousiast: “waaauw, zovéél vreemde geluiden, die hebben we nog nooit gehoord!”

Conclusie: een geslaagd experiment, voor herhaling vatbaar!

 

Louis Andriessen: Workers Union

Instrumentation: any large ensemble, free instrumentation

Contact: Thomas Moore

During a reading session with amateur musicians, I had the pleasure of introducing Louis Andriessen’s amazing open-scored piece, Workers Union. This piece is astonishingly difficult. Even for professional musicians that are accustomed to reading alternative notation and playing minimal music, the tempo, dynamics, and intensity with which one must play is extremely demanding. The composer sets the bar high, writing in the introduction a strict requirement: “Only in the case of every player playing with such an intention that their part is an essential one, the work will succeed; just as in the political work.”

While researching the piece and preparing for the session, I came across this great recording by 8th Blackbird. I love their introduction. There is something really nice about the ensemble’s egalitarian approach to the instruments and the piece. 

So, why this piece? First of all, I think it is a great piece. It should be played and heard by as many people as possible. And secondly, I think in these times of attention and political exhaustion, this piece is suddenly relevant.  I think it also works well with amateurs because, with a little bit of fine tuning, one can play most of this piece. The choice of notes, after all, is entirely up to the performer. 

Now on to the playing part and how we approached it. Before I started on the reading session, I selected three sections of the piece to work on: the beginning, a section that included rapid switches in the registers, and a 2-part section. As a group, we read through the introduction line by line and paused at the end of each instruction to figure it out together in the concert of the piece. 

For example, the first line of text is: “The line represents the middle register of a player’s instrument. Notes above this line are upper register, those below are lower register.” 

If we look at the first line of the music, we see in measure 5 the first note of the piece that is on the above mentioned (horizontal) line. I instructed each musician to choose a comfortable note, and for now, use this as their central note. (There are no rules against shifting the central note up or down a little depending on where you are in the piece.)  We then rehearsed this bar until everyone seemed to understand this first line of instruction. After finishing the introductory text, we then started at bar 1 and worked our way through to bar 20. This went surprisingly well, though at times, I had to remind them to keep their energy up and articulation sharp.

The beginning of the piece is relatively narrow as far as registers go. The next section I chose to work on included more notes in the upper register and larger intervals (see measures 22-27 and 45-48)  Again, I helped the musicians in their choices of their own highest and lowest notes. Each needed to be comfortably in their range.

We then tackled the duelling band section, for example measures 105-113. The musicians really seemed to like this part. I don’t know whether that was because they could hear their fellows better, or perhaps it was because they had more rests. Either way, this section went really well. I think it was important to introduce this part of the piece and Andriessen’s simple though effective polyphonic writing in this piece. 

We of course did everything at a slower tempo than indicated, and were not able to read the entire piece, but I think as a way to introduce the work of Louis Andriessen and European minimalism in general, this piece and approach serves well.  It was also obvious that these musicians enjoyed the challenge of working on such a demanding piece and in a new (to them) genre. 

 

Children are Composers

Online programma
Contact: www.hannedeneire.com

Dag lezers, ik ben Hanne Deneire, ik ben componist en leef voor, door, in en met muziek. Muziek is mijn zuurstof, mijn passie en mijn drive in het leven. Het is de taal waarmee ik mensen verbind en laat groeien. Op m’n 16de startte ik met House of Music, dat was mijn droom, een muziekhuis waar je kan musiceren vanaf de geboorte, aan de hand van een creatieve methode die ik zelf ontwikkelde vanuit mijn componist-zijn. Kinderen ontdekken de magie van muziek door zelf te componeren, zelf hun muzikaal verhaal te bouwen en zo gemotiveerd en gestimuleerd te groeien! Sinds 2017 leidt Ruth Verberckmoes House of Music, het topteam van 20 Meester Musici en zo’n 450 Leerlingen Musici. Ik ben sedertdien de inspirator van HoM en geniet ervan HoM Antwerpen, Leuven en Lier te zien stralen in ons hele land.

Hanne Deneire

Ik vind dat ieder kind recht heeft om op een leuke manier muziek te ontdekken en zich zo creatief kan ontplooien en optimaal groeien. Dat is een missie die wereldwijd gaat en daarom ontwikkelde ik het online muziekprogramma Children are Composers voor kinderen van 3 tot 7 jaar, om met veel fun en op creatieve wijze de muziektaal te ontdekken, samen met hun begeleider. Na 12 afleveringen kennen zij de sleutels van de muziek: noten, ritme en harmonie én kunnen ze zelf een lied schrijven. De jonge kinderen hebben iedere aflevering een ander instrument ontdekt. Nog voor ze kunnen lezen en schrijven op school, drukken zij zich uit in de universele muziektaal. Mijn droom is nu dat tegen 2020 zo 20.000 kinderen wereldwijd de magie van de muziek zullen ontdekken via Children are Composers. De methodiek van Children are Composers bestaat uit spelletjes en is interactief. Ik gebruik kleuren voor noten, akkoorden, en muziekgeschiedenis. Om Children are Composers te gebruiken heb je nu al alles in huis: het is herkenbaar materiaal, allemaal te vinden tussen jullie speelgoed en schoolmateriaal. Je moet dus niets extra aankopen.

Wil jij mee op ontdekking in dit bijzondere muziekverhaal? Thuis of met uw leerlingen in de klas? Ter gelegenheid van onze VS lancering 11 mei, hebben we nu speciale acties. Jullie kunnen alvast de eerste aflevering gratis downloaden.

 

SaveSave